Primair onderwijs · groep 6 tot en met 8
Hier begint het echte oefenen. Leerlingen doorleven herkenbare situaties in een veilige oefenomgeving: een klassenapp, een feed, een verdacht bericht. Ze maken zelf keuzes, zien de gevolgen en bespreken het na met de leerkracht. Fouten maken mag; daar is het oefenterrein voor.
De app schetst scenario's die kinderen ook in de echte wereld meemaken: een ruzie in de groepsapp, een foto die wordt doorgestuurd, een verdacht bericht van een onbekende. In de app kunnen ze er veilig mee oefenen, vóórdat het echt gebeurt.
Elke situatie is herkenbaar uit de klas en van het schoolplein. Leerlingen zeggen niet "dit is een les", maar "dit is bij ons ook gebeurd".
Een verkeerde keuze doet hier niemand pijn. Leerlingen zien wél wat er gebeurt, en mogen het opnieuw proberen. Fouten maken is hier juist de bedoeling.
Na elk scenario volgt het echte werk: het klassengesprek. Wat koos jij, en waarom? Zo landt de oefening in het echte leven.
Functies verdien je met vaardigheden: pas ná de bijbehorende les gaat het volgende stuk open.
Leerlingen verkennen een gesimuleerde feed en oefenen met keuzes in scenario's. Ze plaatsen nog niets zelf: eerst leren lezen wat er online gebeurt en waarom.
De klassenchat gaat pas open als de lessen over privacy en online omgangsvormen zijn afgerond. De regels die de klas zelf maakte, gelden in de chat.
Zelf bijdragen plaatsen in de klasfeed, met het checkschildje dat laat zien dat een bijdrage eerst gecontroleerd wordt. En kennismaken met AI: maken, onderzoeken en herkennen.
Wie het oefenterrein doorlopen heeft, mag de weg op: in het VO groeit het netwerk en de eigen regie stap voor stap mee.
Klik op een thema om te zien wat leerlingen ermee doen.
Wat doet een bericht met de ontvanger? Omstandersgedrag: wat kun jij doen als je het ziet gebeuren?
Wat deel je wel en niet, en met wie? Niet alles is voor iedereen bedoeld.
Likes, reacties en de druk om altijd aan te staan. Waarom voelt dat zo, en wat helpt?
Wie is die nieuwe vriend(in) online echt? Signalen herkennen en weten bij wie je terechtkunt.
Waarom zie ik dit hier? Hoe een feed wordt samengesteld, en wat AI wel en niet kan.
Een inkijkje zonder te veel te verklappen; de volledige lesmappen ontvangt u bij het informatiepakket.
Een les zonder schermen: een foto blijkt uit pixels te bestaan, en pixels uit codes. Leerlingen versturen een zelfgemaakt pixelplaatje met alleen de kleurcode.
Leerlingen programmeren elkaar met stapjes, sporen samen de fout op en zetten daarna de algoritmelens op de feed.
Gericht zoeken, de bron erbij noteren en elk antwoord dubbelchecken bij een tweede bron. Plus de eigen nepdetector.
Met kaarten bouwen leerlingen een papieren algoritme en hun eigen feedregels. Daarna zien ze wat hun regels met een klas doen.
Zelf aan de slag in het AI-lab: maken, mislukkingen onderzoeken en opdrachten steeds preciezer leren geven.
Het slotproject: elk tweetal programmeert een eigen keuzescenario met keuze en gevolg, en deelt het via de klasfeed.
Van de nepdetector tot het slotproject: elke les is gekoppeld aan de kerndoelen digitale geletterdheid voor het primair onderwijs.